Mario Baert.

Kweekverslag : Vergauwen Kurt
Tekst : Baert Mario

2019.

Voorgeschiedenis:

Ondertussen ben ik al een 45-tal jaren bezig met vogels te kweken. De laatste twee decennia was de rode draad in soorten steeds de putter (Major – mutaties). De Europese sijs (mutaties) , de Treursijs en nog enkele andere werden toen met een beperkt aantal koppels gekweekt. Eind 2016 heb ik met deze traditie gebroken en heb me integraal toegelegd op de zwarte sijs. Deze vogel was me geen onbekende om mee te kweken en met de ervaring van de Major putter kweek, kweek ik met pleegouders (kanaries). Deze keuze om met pleegouders te werken heeft reeds veel discussies op gang gebracht, doch de resultaten van deze werkwijze is zeker bij de zwarte sijs wel efficiënt . Deze jongen zullen geen ander kweekgedrag vertonen omdat een kanarie de eieren warm gehouden heeft. De genen worden via het ei meegegeven.

Winterperiode:

Aankopen van zwarte sijzen bij verschillende kwekers om diversiteit in de bloedlijn te garanderen en tevens te selecteren op kwaliteit. Aangezien de zwarte sijs niet in massa’s gekweekt worden is er ook het risico dat men (onrechtstreeks) uiteindelijk bij de zelfde kweker terechtkomt wat op termijn tot inteelt en mindere vogels geeft. De winterperiode wordt ook gebruikt om de vogels rust te geven en te laten ruien. Ze worden dan ook gescheiden (mannen/poppen) gehouden in volières. Doch koppels die goede kweekresultaten gegeven hebben worden voor volgend kweekseizoen behouden.

Kweek:

Begin april worden na selectie de vogels per koppel geplaatst. Er wordt zowel met kweekboxen als met kweekkooien (draadkooien) gewerkt. De eieren worden steeds geraapt en onder kanaries gelegd om verder uitgebroed te worden. Te driftige mannen, poppen die geen eieren leggen , onbevruchte eieren zijn ook voorkomende problemen. Doch van de 18 koppels heb ik toch maar 3 koppels gehad die (2018) niet tot kweken kwamen. Overjaarse koppels zijn algemeen stabieler en sneller in conditie als jonge vogels.

Resultaat 56 jongen.(2018) halfweg kweekseizoen 2019 : 36

Geslachtsonderscheid Bij heel jonge zwarte sijzen kan men het onderscheid tussen poppen en mannen wel onderscheiden, doch eens de jonge vogels uitgeruid zijn kan men niet altijd meer met zekerheid het geslacht herkennen. Men kan dan voor de zekerheid een DNA-test laten uitvoeren.

Voeding:

Mengeling van Jan Koenigs (Amerikaanse sijzen) en Vadigran (sijzen en putters). Met deze combinatie kan ik mijn zwarte sijzen in goede conditie houden en hebben ze geen last van vetzucht, waar ze toch anders wel gevoelig voor zijn. Eivoer wordt gans het jaar door gegeven. Deze bestaat uit eivoer (witte molen), diepvrieserwten, nigerzaad en een weinig pinky’s. Drinkwater wordt dagelijks vervangen en aangezuurd met “wonderpigeon”.

Besluit:

De zwarte sijs is een heel aangename vogel om mee te kweken, doch indien men graag in grote aantallen jongen wil per jaar is het raadzaam om hier niet mee te starten. Daar ik met deze manier van kweken met de zwarte sijs, toch vrij goede resultaten heb, Is het (zoals steeds) niet raadzaam om mijn werkwijze of voeding te veranderen, uiteraard kunnen andere methodes even succesvol zijn. Vogels moeten geleidelijk aangepast worden aan veranderingen. Dat geldt voor zowel voedingsveranderingen als aanpak van het broedproces.